'; ?> De draak achterna | Anneke & Stiaan op trot!
November 26, 2011

13u30. Pat Pong ligt er verlaten bij. De kuisvrouw van de Super Pussy veegt de laatste sporen van een wilde nacht de goot in. Sporen van geilogende farang op zoek naar een veel te jong stukje heupwiegend Thais vlees. Na een wild avondje willen ze allemaal die persoonlijke jachttrofee mee naar hun hotelkamer nemen. We hebben medelijden met deze mannen. Ze zijn één voor één schaduwen van zichzelf op zoek naar troost in de armen van een Thaise vrouw of man.

De eerste heftrucks rijden het grote magazijn van Pat Pong Night Bazaar buiten. De opbouwers komen met mondjesmaat toe. Vanavond zal het hier over de koppen lopen zijn. Duizende toeristen op zoek naar souvernirs. Laverend tussen de kraampjes speuren ze naar dat ene ultieme souvenir. Een horloge, t-shirts, goedkoop houtsnijwerk of boksijzers in verschillende maten en gewichten, hier vind je alles wat je niet zoekt. De locals zullen weer hun uiterste best doen om hun shows te verkopen. “Ping pong, loekie loekie, sir”, schurken ze steeds tegen je aan. “Real Thai girl. Not expensive. Sexy time.” We houden niet zo van ping pong-ballen die uit vreemde spleetjes komen en de verkopers van de shows zijn een ware pest. Net zoals alle tuk tuk-chauffeurs die steeds op voorhand al weten waar je naartoe wil en hoeveel dat moet kosten. We zweren deze bloedzuigers af en besluiten alleen nog maar de watertaxi, skytrain en metertaxi’s te nemen in Bangkok.

Bangkok met haar 8.000.000 inwoners is het zwetende hart van Zuidoost-Azië. Hier knallen Oost en West medogenloos op elkaar in. Thai die hun uiterste best doen om Westers te zijn met alle gevolgen van dien en Westerlingen die denken dat een Oosterse ingesteldheid al hun Westerse problemen zal oplossen. De stad is hypermodern en ligt bezaait met veel te hoge buildings. Hier is geen spoor meer te vinden van het oude Siam. Tussen de betonnen mastodonten vind je kleine winkeltjes en eetkraampjes die proberen te overleven. Ze worden stilaan doodgeknepen door Mc Donalds en Burger King om de hoek die dan op hun beurt vergiffenis vragen aan de goden door een potsierlijk tempeltje voor hun deur te placeren. Elk tempeltje, hoe klein ook, heeft haar volgelingen. We laten het klein grut links liggen en bezoeken enkele grotere exemplaren, Wat Arun en Wat Pho.

Ter hoogte van Saphan Taksin nemen we de watertaxi naar Wat Arun  met haar pagode van 80m hoog gebouwd in Khmer-stijl. De pagode oftewel prang is bezet met kleine stukjes Chinees porselein dat diende als balast voor de schepen die vanuit China arriveerden. Het is prachtig om zien, een waar contrast met al die moderne torens die het zicht van de stad vervuilen. Samen met enkele pelgrims beklimmen we de pagode. Op het hoogste punt hebben we een klare kijk over Bangkok. Wat Arun is het derde punt in de heilige drievuldigheid. Samen met Wat Pho en Wat Phra Kaew zijn het de belangrijkste tempels in Bangkok. We steken de rivier over voor een bezoekje aan Wat Pho, de tempel van de liggende Boeddha. Hier vind je de grootste liggende Boeddha in Thailand, 46m lang en 15m hoog. De Boeddha illustreert de overgang naar het nirwana. Over een oppervlakte van 8 hectare is het hier een komen en gaan van toeristen en monniken. In een kleinere tempel luisteren we naar religieuze gezangen van jonge monniken. Het is bizar te zien hoe jong die kereltjes zijn. We kunnen ons nauwelijks inbeelden dat wij op hun leeftijd het klooster in gaan. Misschien denken de ouders dat hun kind de volgende Bodhisattva is? Wij wensen hen alvast succes op hun weg naar de opperste verlichting.

Een taxi dropt ons aan Khao San, dé straat voor alle backpackers of ten minste wat daar nog van overblijft. Vanop een terras gapen we naar het volk. Er passeren heel wat geschikte kandidaten voor Oh Oh Cherso! of Zeetongen en Bakvissen (Ken je deze nog?), we amuseren ons rot. Voor ons zit een overjaars koppel in hun tweede jeugd. Zij, een leren lap in een veel te klein kleedje. Hij, gehuld in een lokaal marcelleke en een spuuglelijke zwemshort. Misschien hadden we Thailand vroeger moeten plaatsen op onze reisroute? We voelen ons niet echt thuis.
Leurders prijzen hun koopwaar aan op het terras. Ze verkopen allemaal dezelfde brol. We vragen ons af of ze wel überhaupt iets verdienen aan al die houten kikkers, gekke hoedjes en veel te grote Zippo’s. Het is nog vroeg, Khao San ontwaakt nog maar net. Elk kraampje wordt nauwkeurig door ons bestudeerd, alsof we iets zouden kunnen missen. Het is hier leuk ronddwalen tussen al die Full Moon’ers met lelijke tatoeages die de draak achterna zitten. We steken door naar Rambuttri voor een goedkope Pad Thai en prospecteren ondertussen een guest house voor onze laatste dagen in Bangkok eind december.

Genoeg smog verteerd, tijd om nog een beetje te reizen. We nemen de nachtbus naar Chiang Mai, een laidback provinciestadje in het noorden van Thailand aan de grens met Myanmar en Laos. Op weg zijn we getuige van de wateroverlast. Op de hogergelegen autostrade staan wagens, bussen en vrachtwagens geparkeerd met rondom rond verschillende tentenkampen. Enkel op deze manier blijven de locals gespaard van de waterellende op de begane grond. De overstromingen in Thailand hebben al hun tol geeist. Tot op heden zijn  er 600 doden geteld en bedrijven lijden een miljardenschade. De overheid kan nauwelijks reageren op de miserie dat haar volk momenteel meemaakt. En het wordt er niet beter op. Monsoenregen teistert het zuiden. We zijn  benieuwd wat dit gaat geven.

Mimie op 26/11/11

Ja idd spreekt me ook niet echt aan! Den tekst daarentegen wel. Al goed dat jullie op prospectie gegaan zijn!!! Dikke kussen!

Bieke op 02/12/11

Ik vraag me af of jullie wel zin hebben om al bijna terug te komen?…De wereld is nog vol verrassingen om te ontdekken,niet?… knuffel

admin op 07/12/11

@Bieke: Bwaah, niet echt veel zin :) De wereld zit inderdaad nog vol verrassingen. We zijn al bezig over een volgend reisplan. We hebben de smaak te pakken.